Brussel, 29 december 2025. Zoals gekend, treedt vanaf 1 januari de beperking van de werkloosheid in de tijd in werking. Dat zal een groot effect hebben voor werklozen die als "niet-toeleidbaar" worden beschouwd. De RVA bestempelde in totaal 13.000 personen als niet-toeleidbaar, dus niet te activeren naar werk. Van die groep hebben 3.522 mensen een beschermings- of inschakelingsuitkering. Voor hen is er niet onmiddellijk een probleem omdat zij nog wel hun werkloosheidsuitkering ontvangen, zolang de regering werkt aan een alternatieve oplossing. Daarvoor heeft de regering nog enkele jaren de tijd.
Maar voor de andere 9.478 niet-toeleidbaren in België is er nog altijd een probleem. Deze groep verliest in de loop van de komende maanden hun uitkering, de eerste mensen al vanaf 1 januari. Deze cijfers zijn zelfs nog een onderschatting, want volgens de cijfers van de Vlaamse VDAB die de groep breder definieert, gaat het in Vlaanderen alleen al om een groep van 9.699 mensen die hun uitkering verliezen en niet-toeleidbaar zijn. Voor gans België gaat het dus ongetwijfeld om veel meer dan 10.000 personen.
Federaal parlementslid Nahima Lanjri is bijzonder ongerust over de situatie omdat de beperking van de werkloosheid in de tijd binnen enkele dagen ingaat, maar een oplossing voor deze groep mensen nog altijd niet in de maak is. Ze kunnen niet van de ene dag op de andere dag werken wegens hun complexe problematiek. Ze zijn vaak ook niet op hun plaats bij het OCMW. Sommigen zullen zelfs misschien helemaal geen beroep kunnen doen op het OCMW omdat ze niet aan de voorwaarden voldoen.
Lanjri voelde zowel minister Beenders (bevoegd voor personen met een handicap) als minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke al meermaals over de problematiek aan de tand in het parlement: “Het gaat hier om mensen die al jarenlang door VDAB niet geactiveerd werden en te horen kregen dat ze niet kunnen werken en waar nu ineens van verwacht wordt dat ze wel even snel een baan zullen vinden. Dat zal hen niet lukken. Al maandenlang dring ik bij de ministers aan om voor een oplossing te zorgen. Maar, intussen zijn we eind december en die oplossing is nog steeds niet uitgeklaard. Als we nu niet ingrijpen en een oplossing zoeken voor deze groep, dan vrees ik dat deze mensen gewoonweg van de radar zullen verdwijnen én dus helemaal niet begeleid zullen worden. En op die manier ook nooit meer geactiveerd zullen worden, ook niet naar deeltijds of aangepast werk of naar een andere zinvolle activiteit zoals bijvoorbeeld vrijwilligerswerk", zegt federaal parlementslid Nahima Lanjri.
Concreet vraagt Lanjri dat mensen die niet-toeleidbaar zijn, gescreend worden zodat ze juist kunnen worden doorverwezen naar de instantie die hen wél kan verder helpen. Voor mensen met een zware medische problematiek is een ziekte-uitkering wellicht meer aangewezen, voor anderen misschien een uitkering wegens een handicap. Voor anderen van wie zou blijken dat ze op termijn nog arbeidspotentieel hebben, zal begeleiding en tewerkstelling op maat nodig zijn zoals bijvoorbeeld collectief of individueel maatwerk of een geleidelijke progressieve tewerkstelling.
Nahima Lanjri: "Het is belangrijk dat de niet-toeleidbare werklozen grondig worden gescreend en dat wordt nagegaan wie naar welk stelsel moet worden verwezen en wie een deel van hen alsnog kan activeren, naar werk of naar een maatschappelijk zinvolle tijdsbesteding. Alle bevoegde ministers, van minister Clarinval bevoegd voor Werk en minister Vandenbroucke als minister bevoegd voor ziekte-uitkeringen, minister Beenders bevoegd voor de erkenning van personen met een handicap die federaal bevoegd zijn, alsook de regionaal bevoegde ministers zoals minister Demir bevoegd voor VDAB en welzijnsminister Gennez moeten elk hun verantwoordelijkheid nemen en de groep mensen die de bemiddelingsdiensten niet-toeleidbaar noemen, goed screenen én begeleiden naar de juiste diensten."