Deze hervorming is een belangrijke stap in de erkenning en ondersteuning van mensen in kwetsbare situaties. De nood aan meer ondersteuning van wie voor een naaste zorgt, werd vorige week nog duidelijk bij de bekendmaking van nieuwe cijfers over dementie. De zorg voor mensen met dementie kost ons land jaarlijks meer dan 7 miljard euro. Alleen al de onbetaalde zorg door mantelzorgers vertegenwoordigt een maatschappelijke waarde van ongeveer 2,9 miljard euro. Toch worden mantelzorgers vandaag nog onvoldoende erkend en ondersteund. Het palliatief verlof is een belangrijk instrument voor mantelzorgers en familieleden om tijd te spenderen met een kwetsbare naaste en een waardevol levenseinde te kunnen garanderen. Ik pleitte daarom al geruime tijd voor een flexibilisering en diende daar in de vorige en deze legislatuur wetsvoorstellen voor in.
Met de goedkeuring van dit amendement wordt een eerste, belangrijke stap gezet om het verlofstelsel beter af te stemmen op de realiteit waarmee gezinnen geconfronteerd worden wanneer een dierbare zich in de laatste levensfase bevindt. In een volgende fase moeten we de duur van het verlof ook proportioneel aanpassen aan het arbeidsregime. Vandaag bedraagt de maximale duur drie maanden, ongeacht of iemand het verlof voltijds (in 68% van de gevallen) of deeltijds (32%) opneemt. Wie ervoor kiest om halftijds (21%) te werken, zou het verlof zes maanden moeten kunnen spreiden. Bij een opname van één vijfde (12%) moet dat zelfs vijftien maanden mogelijk zijn. Het naderend levenseinde van een gezins- of familielid raakt elk gezin of elke familie in de kern. Wie nabij wil zijn, moeten we ondersteunen. Daarom maken we het mogelijk dat het verlenen van palliatieve zorg zo flexibel mogelijk kan, afgestemd op de concrete zorgsituatie. Wil men met de ganse familie nog een week samen besteden, dan kan dat via de opname per week. Vraagt de zorgsituatie meerdere weken of een maand palliatieve zorg, dan blijft dat eveneens mogelijk.