Artikel DS: "Gezinsbond en CD&V willen ontvangers ‘weduwepensioen’ meer laten bijverdienen"

Publicatiedatum

Tags

Pensioenen

Auteur

Frida Deceunynck

Deel dit artikel

De strenge voorwaarden om, na het overlijden van hun huwelijkspartner, een overlevingspensioen te combineren met een eigen inkomen treffen vooral vrouwen zonder kinderen ten laste. De Gezinsbond en regeringspartij CD&V pleiten voor zachtere cumulregels.

Het overlevingspensioen is een uitkering voor gehuwden die hun partner hebben verloren, bedoeld om de financiële gevolgen van het overlijden op te vangen. In de volksmond wordt het overlevingspensioen nog vaak het ‘weduwepensioen’ genoemd. Niet zonder reden, want 93 procent van de overlevingspensioenen worden uitbetaald aan vrouwen. Van alle gepensioneerden heeft vandaag zo’n 20 procent een overlevingspensioen.

De minimumleeftijd om in aanmerking te komen, ligt sinds 1 januari van dit jaar op 51 jaar. Die leeftijdsdrempel gaat de komende jaren geleidelijk verder omhoog, zo heeft de voorgaande federale regering-De Croo beslist. Gehuwden moeten tegen het jaar 2030 minstens 55 jaar zijn bij het overlijden van hun partner om recht te hebben op een overlevingspensioen, en elk komend kalenderjaar komt er een jaartje bij.

Op langere termijn is het volgens de huidige regering-De Wever de bedoeling om de minimumleeftijd verder op te trekken, tot aan de vroegst mogelijke pensioendatum. Wie zijn of haar partner verliest en nog niet met vervroegd pensioen kan, krijgt een tijdelijke overgangsuitkering van twee jaar (die ook nu al bestaat voor wie jonger is dan de minimumleeftijd voor een overlevingspensioen).


Minder bijverdienen

De uitkering is onbeperkt in de tijd. Maar ze heeft ook een nadeel: tot aan de wettelijke pensioenleeftijd kan een overlevingspensioen slechts beperkt gecombineerd worden met een (eigen) arbeidsinkomen. Weduwen en weduwnaars die te veel bijverdienen, verliezen hun uitkering geheel of gedeeltelijk.

Goed nieuws: in 2022 werden de cumulgrenzen verhoogd voor mensen met kinderen ten laste. Zij kunnen sindsdien een behoorlijk bedrag bijverdienen met behoud van hun overlevingspensioen. Maar er is ook slecht nieuws: voor mensen zonder kinderen ten laste zijn de oude inkomensgrenzen van kracht gebleven – en die liggen een pak lager.

Dat voelt aan als onrechtvaardig en duwt vrouwen uit de arbeidsmarkt, luidt het bij de Gezinsbond. Een concreet rekenvoorbeeld toont het probleem. Nele (58) werd weduwe in 2025 en werkte voltijds als verpleegster. Sinds haar twee dochters vorig jaar zijn beginnen werken, heeft ze geen kinderen meer ten laste. Daardoor is haar toegelaten bruto jaarinkomen sterk teruggevallen. Voor mensen met kinderen ligt de grens in 2026 op 36.434 euro plus 6.067 euro per kind ten laste. Zonder kinderen daalt dat meteen tot 24.989 euro. In Nele’s geval dalen haar toegelaten beroepsinkomsten dus van 48.578 euro naar 24.289 euro en mag ze van het ene jaar op het andere nog maar de helft verdienen – anders verliest ze haar overlevingspensioen.


Werkloosheidsval

De strenge inkomensgrenzen zijn een werkloosheidsval voor vrouwen zonder kinderen. Soms kan het financieel interessanter zijn om niet of minder te werken. Daarom wil CD&V de toegelaten inkomensgrenzen voor mensen zonder kinderlast optrekken. Kamerlid Nahima Lanjri heeft daarvoor een wetsvoorstel ingediend.

Ook de Gezinsbond vraagt om de kloof tussen mensen met en zonder kinderen te dichten. “Het overlevingspensioen moet gezien worden als een aanvullende bescherming boven op het arbeidsinkomen”, zegt voorzitter Ivo Mechels. “Het vervangt geen job, maar stabiliseert een leven dat onverwacht is ontwricht.”


Minder administratie

Het CD&V-wetsvoorstel wil ook komaf maken met de administratieve rompslomp voor de langstlevende partner. Als de overleden huwelijkspartner nog werkte, moet de langstlevende zelf een aanvraag indienen om een overlevingspensioen te ontvangen. Als dat niet op tijd gebeurt, kunnen de nabestaanden een deel van het pensioen verliezen waarop ze recht hebben. Het wetsvoorstel voorziet erin dat de berekening van het overlevingspensioen altijd automatisch wordt opgestart, ook als de overledene nog werkte.

Nieuws

'Te ziek om te werken', en toch is 1 op 20 aan de slag

Het verouderde systeem van het ziektepensioen voor ambtenaren werd onlangs afgeschaft. Cd&v-Kamerlid Nahima Lanjri pleit al geruime tijd voor die afschaffing en wil ervoor zorgen dat mensen die nog arbeidspotentieel hebben, opnieuw kansen krijgen om aan de slag te gaan zowel in de privé als bij de overheid. Vandaag is het namelijk zo dat die ambtenaren veel te snel aan de kant worden gezet, terwijl ze vaak nog willen én kunnen werken: “Wie nog in staat is om te werken, moet de kans krijgen om dat te doen, ook bij de overheid. Niet noodzakelijk in dezelfde functie, maar wel in een functie die aansluit bij wat ze nog kunnen. Zo zorgen we ervoor dat we geen kostbaar talent verliezen, ook niet bij de overheid.”

Wie op het punt staat uit te vallen, zal straks deeltijds kunnen gaan werken

Werknemers die door ziekte of medische klachten dreigen uit te vallen, moeten de mogelijkheid krijgen om tijdelijk minder te werken zonder meteen volledig uit de arbeidsmarkt te verdwijnen. Dit wil ik mogelijk maken met de arbeidsparticipatietoeslag (APT). Het proefproject met de APT zal op 1 januari 2027 van start gaan. Het wettelijk kader daarvoor wordt na het zomerreces aan de Kamer voorgelegd.

Vier op tien bedrijven faalt in re-integratiebeleid voor langdurig zieken

Vier op de tien Belgische ondernemingen slaagt er niet in om de wetgeving rond de re-integratie van langdurig zieken om te zetten in de praktijk. Ze geven aan dat aangepast werk voorzien in hun organisatie zo goed als onmogelijk is. Dat blijkt uit het verzuimonderzoek van welzijns- en preventiedienst Mensura. Slechts twaalf procent van de bedrijven kan een volwaardig ‘collectief re-integratiebeleid’ voorleggen.