Snit en naad. Dat was de studiekeuze die ze voor mij gemaakt hadden toen ik op de schoolbanken zat. Ik was immers een meisje met allochtone roots, ging naar een school in Borgerhout. Dan was de beroepskeuze begin jaren tachtig evident: snit en naad, beroepsonderwijs. Ik zou een goede naaister worden, was het oordeel het PMS (CLB).

Niet dat ik iets tegen kleren herstellen heb, overigens heb ik in dat jaartje snit en naad wel een paar vaardigheden ontwikkeld. Ik kan een zoom naaien, een kleed verstellen en een knoop aannaaien, en ja ik weet hoe een stikmachine in mekaar zit. Maar ik maakte de overstap naar een technische richting en zag het toch iets anders met mijn schoolloopbaan. Ik moest en zou ook hogere studies aanvatten, want ik vond dat ik met mijn middelbaar diploma nog te weinig gewapend was voor de arbeidsmarkt. Als dat dan achteraf ook gelukt is – ik behaalde een diploma vertaler-tolk op universitair niveau – dan is de aanzet daartoe louter en alleen gelukt dankzij een paar leerkrachten die echt in mij geloofden en mij aanmoedigden om verder te studeren. Snit/Naad werd mede door hen Vertaler/Tolk.

Een recente studie van de Sociaal Economische Raad Vlaanderen (SERV) concludeert dat er anno 2018 nog te veel allochtone meisjes zonder diploma de schoolbanken verlaten én het bijgevolg ook slecht doen op de arbeidsmarkt (https://www.serv.be/sites/default/files/documenten/COMD_20180523_vrouwen_migratieachtergrond_ADV.pdf).)

Er zijn verschillende doelgroepen die het moeilijk hebben op de arbeidsmarkt, zoals 55-plussers, personen met een handicap en mensen met een migratieachtergrond. Maar laaggeschoolde meisjes met een migratieachtergrond hebben het nog moeilijker, omdat ze een lagere scholingsgraad hebben én omwille van hun achtergrond.

De SERV – een overlegorgaan van werkgevers en werknemersorganisaties – concludeert dat toch zo veel mogelijk meisjes met een migratieachtergrond het Vlaams onderwijs moeten verlaten met de nodige competenties, zodat ze vanuit een goede startpositie werk kunnen vinden.

‘’Vlaanderen laat daarmee een groot arbeidspotentieel liggen. De huidige krapte op de Vlaamse arbeidsmarkt toont de noodzaak om zoveel mogelijk groepen aan te spreken. Het onderwijsniveau van migrantenmeisjes én de tewerkstelling van laaggeschoolde migrantenvrouwen zijn erg laag. Daar willen de sociale partners en de vertegenwoordigers van de kansengroepen dringend verandering in zien’’, zegt Hans Maertens, voorzitter SERV en Commissie Diversiteit. Ik onderschrijf dat ook. Onze arbeidsmarkt schreeuwt om talent. Heel wat vacatures blijven openstaan. We kunnen het ons niet permitteren om het aanwezige talent in onze samenleving onbenut te laten.

Ik noteer dat zowel werkgevers als werknemers dit nu via de SERV inzien. Ik ben blij. Hoewel, ben ik wel blij? Het is jammer dat dit ruim dertig jaar na mijn ‘snit en naad’-avontuur nog altijd een issue is in Vlaanderen. Maar goed, meten is weten, en er is nu weer een document met zeer concrete beleidsinitiatieven dat een aanzet kan geven tot structurele veranderingen én tot een mentaliteitswijziging. Nu komt het er op aan, om hier met z’n allen werk van te maken en dit ook op het terrein te realiseren, zodat het niet blijft bij het zoveelste rapport met mooie aanbevelingen. Het moet niet meer uitsluitend van de Nahima’s en Fatima’s komen om allochtone jongeren te motiveren en erop te wijzen dat er voor hen een mooie toekomst in Vlaanderen is.

Pers

Knack.be, 28 mei 2018, 'We kunnen het ons niet permitteren om het talent in onze samenleving onbenut te laten'.

    Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookie Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.